Maiden voyage - the Netherlands to Black Sea [Dutch]
on Tuesday 25 January 2005 by Luuk & Matty Criens hits: 1844
Deze reis is laat in het jaar gemaakt om het slechte weer van de Noordzee en de golf van Biscaje te om zeilen.Het schip is een bij jachtwerf du Bois gebouwde catamaran met twee motoren van voldoende vermogen hoewel er voor het stroom opwaards varen van de Donau wel iets meer in had mogen staan daar er niets over was. Het is een dagboek en niet onze bedoeling de al over deze route bestaande boeken te herschrijven doch het moet gezien worden als een aanvulling van de bestaande.Het geheel is geschreven en samen gesteld door M.W.Ventevogel en L.J.Criens.De foto's zijn van eigen hand voor de overige hebben we geput uit gegevens van de lokale VVV'sPASSAGE THROUGH RHINE MAIN & DANUBE30-10-92.Eindelijk kunnen we vertrekken na vele weken van voorbereidingen. Doordat we op het laatste moment besloten hebben tot deze reis, zijn de voorafgaande weken ook extra druk geweest. Er kan ons ook weinig verteld worden vooraf, want nog niemand heeft deze trip zo gevaren.. We voelen ons dan ook pioniers. Gewapend met 2 Rijnboeken, 1 Rijn-Maine-Donau kanaal boek en een Donau boek zullen we ons moeten zien te redden. Vaarkaarten hebben we niet kunnen vinden,wie weet onderweg wel.. Na nog een laatste blik op de prachtige monumentale haven van Middelburg varen we uit, op weg naar de sluis van Veere. De eerste sluis is passen en meten voor ons, het lukt maar net. We moeten als eerste naar Wolphaarsdijk` waar we een afspraak hebben voor het neerhalen an de mast. Na een zonnige tocht over het Veerse Meer komen we om 12.15 uur in Wolphaarsdijk aan. Het haventje waar we onze mast moeten laten neerhalen is erg krap voor ons. Het lukt dan ook niet om dwars in de haven te komen liggen.Er wordt besloten om dan maar met de achterkant naar de kade te gaan liggen, om zo de mast eraf te tillen. Onze schipper moet nog de mast in gehesen worden om de hijsbanden te kunnen bevestigen. Dan kan het karwei beginnen. Na ruim 1 uur is het gebeurd, de mast met verstaging ligt aan dek vast gesjord. We zijn nu wel extra lang zo, ruim 17 mtr. Door de vertragingen is het al bijna donker als we met alles klaar zijn. We vragen dan ook om voor de nacht te mogen blijven liggen.31-10-92.Goed geslapen een rustige nacht gehad. Onze eerste zeildag begint niet goed, dikke mist bij het opstaan. We besluiten dan ook om eerst alleen naar de overkant te varen, dat is Kortgene Delta Marina. Voorzichtig varen we uit en glijden we door de grijze deken naar de overkant. Daar maar afwachten tot de mist opgetrokken is. De vouwfiets wordt tevoorschijn gehaald voor een snel transport door de marina. We vragen toerstemming te mogen blijven liggen tot de mist vertdwenen is. Dit is om 11.00 uur het geval. Nu kunnen we echt weg. Het blijft wel enigszins mistig , doch het is redelijk te doen. Eind van de middag als we ter hoogte van Willemstad zijn trekt de lucht weer dicht. We besluiten dan ook om in Willemstad te ovenachten. Even voor we in Willemstad zijn stinkt het vreselijk op het water. Is er iets mis bij ons, waar komt die lucht vandaan? Wij varen Willemstad binnen en de havenmeester zegt ons dat we binnen kunnen liggen vanwege de weer opkomende dichte mist. We vinden een mooie plek naast een andere boot midden in de stad, wat wil je nog meer. Even later horen we op de radio de reden van de stank op het water; er is een aanvaring geweest tussen 2 schepen, waarvan er een Nafta geladen schip is, vandaar de stank. Willemstad is een mooi oud stadje, waar je midden in het centrum ligt. Wij mogen gratis overnachten omdat het seizoen voorbij is en het maar voor 1 nacht is. Na een heerlijke warme douche aan de wal en de disco net buiten gehoorafstand vallen we al snel in slaap.1-11-92.Tijdig uit de veren vandaag, want we willen Nijmegen zien te bereiken. We varen nu temidden van de Rijnaken, die zullen we vast nog vaker zien op onze reis. Uiteraard zien we in deze tijd van het jaar geen andere jachten op onze tocht. Nijmegen bereiken lukt ons niet, dus wordt het Tiel. Met een harde wind recht achterin meren we af naast een werkboot. We worden uitgebreid bekeken door de bewoners van een woonboot. Dat zal een onrustige nacht worden met die harde wind achterin. Morgen beter.2-11-92. Om 07.30 uur vertrekken we, richting grens. Volgens onze kaart is dat bij Tolkamer. Hier zullen we dan wel officieel uit moeten klaren, en onze BTW rekeningen moeten verrekenen. Om 13.00 uur zijn we daar. Doch het blijkt dat uitklaring e.d. in Emmerich moet gebeuren. Omdat we nu toch aan de wal zijn doen we gelijk maar even wat boodschappen. 14.30 uur alle boodschappen gedaan, dan maar weer verder. Een uur later zijn we in Emmerich. T'is erg slecht weer inmiddels. Harde wind en regen. Na een zeer moeizame aanlegmanoevre, met de wind hard achterin aan een voor ons te kleine aanlegsteiger op naar de douane. Onze reisgenote en ik gaan met de papieren op pad onze schipper blijft op wacht. We moeten voor de officiele uitklaring heel wat papieren gestempeld krijgen, doch na 2 uur heen en weer lopen is het dan toch voor elkaar. Eindelijk rust, we mogen gelukkig aan de douane steiger blijven liggen, voor de nacht. Nog even een kijkje nemen in de stad die uitgestorven is vanwege het weer en dan weer op naar de boot. Aan het eind van de avond draait de wind en hebben we toch nog een rustige nacht.3-11-92.Vertrek uit Emmerich richting Duisburg. Er staat nog steeds veel wind bij onze afvaart, maar de regen is iets minder. Naarmate de dag vordert wordt het beter. We varen onder de bruggen door en maken foto's van de verschillende bruggen. Ons valt op dat elke brug weer verschillend is. Om 15.30 uur zijn we in Duisburg. Eerst maar tanken en water laden. We liggen te wachten bij een tankstation doch niemand te zien. Maar eens vragen, erkomt iemand over 10 minuten. Die 10 minuten duren zeker een 1/2 uur. En zo wordt het donker. De eerste 2 tanks zijn snel volgepompt, en we pompen over naar de andere 2. Dit gaat erg langzaam en we wijzigen de leiding van de tank. Nu gaat het beter. Al met al is het zo 19.00 uur geworden en we moeten nog een plaats vinden voor de nacht. Maar er is een jachtclub met douches, dus lekker warm douchen en een dineetje in de stad en we kunnen er weer tegen.4-11-92.We verlaten Duisburg richting Dusseldorf. We raken al aardig gewend aan de Rijnaken zo varend over de Rijn. Af en toe is het flink koud en het regent, maar dik ingepakt is het goed te doen. We zijn vast een ongewoon verschijnsel op deze route, maar we kunnen prima meekomen met de beroepsvaart. De rivier voert ons dwars door Dusseldorf, best een leuk gezicht. Zo varend komen we langs de grote cruiseschepen, die daar voor het winterseizoen liggen. Sommige zijn net drijvende paleizen. Het wordt langzaam aan steeds mooier in de omgeving. Het mooiste stuk van de route moeten we nog krijgen. Om 15.30 uur stoppen we te Hitdorf, waar een kleine jachtclub is. Veel is het niet maar echte marina's kennen ze in Duitsland nauwelijks. We kunnen misschien stroom krijgen en douchen. De havenmeester staat al op ons te wachten. Stroom krijgen lukt met een hele lange kabel, doch douchen gaat niet. We vragen de weg naar het postkantoor; dat is ver lopen volgens hem. Hij biedt ons aan met zijn auto te brengen. het blijkt in de praktijk slechts 10 minuten lopen te zijn; als je dat ver noemt. Nou het aanbod is heel attent dus hij rijdt ons erheen. We telefoneren met het thuisfront en doen wat boodschappen. 'sAvonds nog even een lekkere wandeling gemaakt en een babbel gemaakt met een Hollandse botenbouwer die daar neergestreken is en alleen maar in hout bouwd en dan op tijd naar bed. 5-11-92.Het is nog iets donker als we uit Hitdorf vertrekken. Maar we willen vandaag even in Keulen rondkijken. Om 10.30 zijn we daar; eerst maar even kijken om diesel te tanken. Doch er is niemand te bekennen bij de pomp, dan later maar. Vlakbij zijn 2 watersportzaken waar we even willen kijken. Ze hebben weinig keuze en volgens Nederlandse begrippen vrij klein. Maar misschien hebben ze waterkaarten,van de Rijn of de Donau. Helaas niets te vinden. We kijken nog even wat in de stad rond en gaan dan terug naar de boot. Als we terugzijn is de havenmeester ook gearriveerd om ons van diesel te voorzien. Na het tanken gaan we op weg naar Oberwinter even voorbij Bonn. Bij aankomst zien we dat de jachtclub daar nog bemand is, dat valt mee in deze tijd van het jaar. Dat betekent lekker douchen, daar knap je van op. We maken 'savonds nog een lekkere wandeling langs de Rijn. We gaan tot nu toe elke dag vroeg slapen, omdat meestal vrij moe zijn en al rond 06.00 uur opstaan. We zitten nu midden in de bergen die in herfsttooi zijn, echt een prachtig gezicht. 6-11-92.Vertrek Oberwinter richting Oberwesel. We varen nu regelmatig dwars door stadjes en dorpen aan de Rijn. Vandaag varen langs de Lorelei en Koningswinter. In Koningswinter zijn enorme indrukwekkende grote hotels langs de Rijn gebouwd. Jachthavens vinden we nu praktisch niet meer dus besluiten even voorbij Oberwesel een zgn. vluchthaven in te varen voor de overnachting. Maar liggen hier prima vlakbij de benzinepomp en het dorp. We moeten weer tanken, dus nemen we onze opvouwbare trolley, laden de jerrycans erop en lopen naar de pomp. Dat werkt prima zo. Het dorp is ook binnen loopafstand en in de Doe-het-zelf zaak vinden we we iets van onze gading.7-11-92.We vertrekken uit Oberwesel richting Frankfurt, en varen door een schitterend berglandschap. Als we niet aan tijd gebonden waren zouden we zeker hier wat langer blijven. Het begint wel steeds kouder te worden. We zullen vandaag de Rijn verlaten en de Maine opvaren, een rivier die veel smaller is en aanzienlijk minder stroom heeft. Vlak voor Mainz draaien we de Maine op en zien direkt verschil met de Rijn. De bewegwijzering is minder duidelijk als op de Rijn. We zullen nu ook vele sluizen gaan passeren, sommige met veel verval. Deze eerste dag hebben we 2 sluizen voor de boeg. Alles verloopt vlot. Door onze grootte schutten we tezamen met de beroepsvaart. Doordat de sluizen op de beroepsvaart ge-ent zijn er voor de pleziervaart erg weinig bolders om vast te maken.We zijn daarom genoodzaakt om met 2 trossen op 1 bolder midscheeps vast te maken. Door het grote verval is het belangrijk om lange trossen te hebben om niet aan je trossen te komen hangen. Het schutten duurt voor ons extra lang omdat we steeds als laatste erdoor mogen, de beroepsvaart gaat eerst. In Frankfurt stoppen we in de Westhafen, een buitenwijk van de stad. De jachthavens in Duitsland stellen meestal niet veel voor, als er een jachthaven of club is is het vaak zonder voorzieningen. We liggen te ver van de stad om deze echt te bekijken dus maken we een rondje door de buitenwijk, even bellen naar het thuisfront, geld wissselen en weer terug.8-11-92.Vandaag slapen we uit, en er moet een reparatie gebeuren. De slang van de boiler is geknapt gisteren en moet vervangen worden. Helaas zijn we hierdoor zeker 50 liter drinkwater kwijt geraakt, dus moeten we vandaag water en diesel tanken. We kunnen bij een tankboot op de rivier diesel tanken, dus weer oppassen gebazen met de druk. In een mum zitten we vol en we vervolgen onze tocht over de Maine. Na enkele KM's hebben we al een sluis, weer als laatste erin en eruit. Deze sluis in Offenbach gaat erg langzaam. Geen drijvende bolders, dus hard werken geblazen om constant de trossen te verhangen. Een paar KM's erna weer een sluis bij Mulheim. We moeten echter 2 uur wachten, want er is vlakbij een brugreparatie, waardoor er niet geschut mag worden. Na de brug van Mulheim is het donker en duiken we meteen een haventje in, een zgn. "flugthafen" waarvan er verscheidene zijn langs de rivier. Er is ook een industriele haven bij waar de Rijnaken liggen om te laden en te lossen.9-11-92.Richting Miltenburg staat nu op het programma. We hebben van af nu zo'n 4 tot 5 sluizen per dag met elk zo'n 4 mtr. verval, we klimmen dus aardig. De Maine is een kronkelige rivier, wat je dus veel tijd kost. We hangen de hele dag achter de Rijnaken, voorbijvaren heeft weinig zin omdat we bij de sluis dan toch weer moeten wachten. We schutten zo de hele dag met 2 Rijnaken. Om 17.00 uur zijn we in Miltenburg, we leggen aan midden inde stad. Miltenburg is een prachtig plaatsje met veel vakwerkhuizen. Helaas is het al te donker om foto's te maken, we zullen het met een ansichtkaart moeten stellen als herinnering. Wel nog tijd om verse groente, fruit en brood en warme "moonboots" te kopen, want we hebben veel last van koude voeten zo kunnen we er weer tegen.10-11-92.Vroeg op pad om aan te haken achter een rijnaak, om gelijktijdig te kunnen schutten. Dit blijkt later toch weinig tijdwinst op te leveren. De Rijnaak vaart erg langzaam en bij de sluizen moeten we toch steeds wachten. Zo sukkelen we van sluis naar sluis.. We varen die dag tot 19.00 uur, 2 uur lang in het donker, zonder radar, dat is zeer vermoeiend doch vlak achter een rijnaak hangend lukt het goed. Zodoende halen we die dag nog 90 KM's. We vinden de plaatselijke jachthaven met restaurant volgens onze gids, doch helaas wegens vakantie gesloten. Ook de faciliteiten zijn afgesloten, dus geen water in Kleinwernfeld.11-11-92.We verlaten de jachthaven; 't is meer een inham in de rivier richting Marktbreit. We blijven hangen achter een Nederlandse rijnaak, die erg langzaam vaart. Het wordt nog steeds kouder en onze "moonboots" zijn zeer welkom. Bij de sluis van Harbach moeten we zeker weer een uur wachten om geschut te worden. We mogen pas met de 2e schutting door, de sportboten zoals onze Duitse buren de jachten noemen, gaan als laatste. We hebben nu elke dag wel 6 sluizen met een gemiddeld verval van 4,5 mtr. Slecht weer vandaag regen en nog eens regen. Marktbreit varen we binnen om 16.30 uur. We kunnen weer aanleggen midden in het dorp recht tegenover de Aralpomp. Dus is het weer tanken geblazen met onze trolley met de jerrycans erop. Vers brood en kaarten voor de familie en vrienden gekocht. In ons Maine-Donau boekje gelezen dat je in de plaatselijke pizzeria douchen kunt, dus nagevraagd en ja hoor de Aralpomp meldt ons via de telefoon dat we eraan komen het is wel 1 km stroom opwaards lopen maar dat geeft de brood-nodige lichaams beweging. Onder de pizzeria blijkt een sportaccomodatie te zijn waar douches bij zijn. Heerlijk gedoucht en gegeten bij de pizzeria. Dat doet een mens goed. Daar kunnen we weer even op teren. De kou speelt ons parten en we krijgen last van wintervoeten ondanks onze "moonboots".12-11-92.Vroeg uit de veren en vroeg vertrokken om aan te haken bij een rijnaak. Maar het levert niet veel op, want ze varen soms langzaam om op de sluizen te wachten. Bij vele sluizen kun je moeilijk aanleggen, dus ligt men te drijven om te wachten tot de sluis opengaat. Op weg richting Schweinfurt. We kunnen afmeren midden in de stad ,achter de rondvaartboot. We gaan op zoek naar een wasserette, want we kunnen zelf de was nauwelijks droog krijgen, te koud en vaak regen. De wasserette hebben we snel gevonden, dus was verzamelen en wegbrengen. De volgende morgen kan het klaar zijn gedroogd en wel. Wat rond gekeken in de stad en nog een paar "moonboots" gekocht voor onze schipper, want zijn eerder gekochte blijken niet regendicht (misschien wel snowproof ?). 13-11-92.Door het ophalen van de was zijn we later vertrokken als gewoonlijk. Misschien kunnen dat inhalen want we varen vandaag alleen. We hoeven zodoende niet te wachten bij de sluizen, wel moeten we ons nu melden. Zo zijn we toch nog om 16.30 uur in Bamberg; het begin van het Maine-Donau kanaal. Het is vrijdag de 13e , maar alles is goed verlopen. We meren weer af midden in de stad, de jachtclubs zijn toch niks of gesloten. We zijn net afgemeerd of we worden opgeroepen door de Bamberg sluis, of we vandaag nog door de sluis komen. We worden dus nauwkeurig gevolgd op onze route, nee we gaan vandaag niet verder. Morgen is er weer een dag. Hier kunnen we zeker een kaart kopen van het Maine-Donau kanaal zou je denken, mis evenwel. Overal gevraagd, men verwijst ons naar de scheepvaartinspectie. Doch die ziet hier een eind vandaan, vergeten dus maar en ons zien te redden met ons boekje. In ons boekje staat namelijk niet het gehele kanaal beschreven. Het nieuwste stuk kanaal, wat pas geopend is missen we. Hopelijk wijst het zich vanzelf. De markeringen langs het kanaal moeten ons dan maar de weg wijzen.14-11-92.Verder maar weer, we gaan nu het echte sluizenwerk krijgen, met zelfs een verval van ruim 24 mtr. erbij. Dat moet vast een spectaculair gezicht zijn om vanaf boven naar beneden te kijken. Vanwege de vroege winkelsluiting op zaterdag in Duitsland besluiten we onderweg een stop te maken in Forchheim om boodschappen te doen. Wat foto's maken van de vakwerkhuizen, die we ook hier weer zien. Een bakje koffie in het plaatselijke cafe en dan weer terug naar de boot. Om 13.00 uur zijn we weer op weg; naar Nurnberg. Ze hebben volgens ons boekje een echte jachthaven even buiten Nurnberg. In het donker komen we binnen, 't is passen en meten voor ons. We worden al opgewacht door de plaatselijke leden van de jachtclub. Kunnen we douchen? Ja uiteraard heerlijk. Na gegeten te hebben, worden we door de leden van de jachtclub uitgenodigd voor een borreltje. Voor je het weet is het dan laat. 15-11-92.Zondagmorgen sneeuw aan dek, het zal dus niet veel gevroren hebben vannacht. Sneeuwruimen geblazen. We willen water laden, doch de leidingen blijken bevroren en de aansluitingen van ons passen niet. Na veel geklungel is het toch gelukt. Vandaag komen wij het hoogste punt van het Maine -Donau kanaal, met de hoogste sluis. Daarna aan de andere kant weer zo'n hoge sluis, maar dan naar beneden. We zijn zeer benieuwd. Gelukkig hebben deze sluizen beweegbare bolders, dus verloopt het schutten vrij probleemloos. 'T is inderdaad een enorme hoogte als we boven zijn. Vanwege de zondag wordt er niet langer dan tot 14.00 uur geschut dus stoppen we in Berching hebben we ook een rustige dag. Berching is een prachtig oud plaatsje met een oude stadspoort, zeer de moeite waard om te bekijken. Helaas regent het alweer dus foto's maken kunnen we vergeten. We zitten nu dus op het nieuwste gedeelte van het kanaal en van nu af gaan we weer zakken richting Donau.16-11-92.Vandaag zullen we de Donau opvaren, de laatste en tevens langste rivier van het traject. Waarschijnlijk ook het boeiendste stuk van de reis, want de Oostblok-landen waren immers eerst gesloten gebied voor ons. Het enige minpunt is Joegoslavie, waar een burgeroorlog heerst. We zullen zien. Voorlopig zitten we nog een poos in Duitsland en Ooostenrijk. We varen vandaag van Berching naar Kelheim, waar de Donau begint. Bij het begin van de Donau maken we uiteraard een foto van het bord Donau met het aantal KM's wat we nog voor de boeg hebben. Dat is nog 2411 KM tot aan de Zwarte Zee, dus we moeten nog even. Om 16.00 uur zijn we bij Regensburg. De stroom in de rivier is enorm, tot 20 knopen. Omdat we te hoog zijn om onderdoor de oude stenen brug te kunnen; waar de jachtclub is, besluiten we af te meren vlakbij een andere brug. Het afmeren gaat door de enorme stroom en de harde wind niet bepaald probleemloos, als er meerdere kapteins op een schip zijn, we komen wat hard tegen kant, risico van het vak. We liggen weer midden in de stad. Regensburg is een prachtige oude stad, waar vooral de cathedraal aandacht vraagt. We treffen het niet, het regent alweer. Als we meer tijd hadden bleven we zeker in deze stad wat langer.17-11-92.Vanaf nu is het stroom mee, dus gaan we hard. We halen zo,n 130 KM per dag, en varen gemiddeld 8 uur per dag. Op gegeven moment cirkelt er een helicopter over ons heen om ons eens nader te bekijken, wat daar nu vaart een catamaran op de Donau. We komen nu ook de eerste Oost-Europese schepen tegen, die er allemaaal zeer armoedig uitzien. Ze stoken nog ouderwetse kachels op deze schepen, die de nodige smerige lucht uitblazen. Meestal is er 1 sleper, die 4 tot 5 schepen op sleeptouw heeft. Er wordt enthousiast naar ons gezwaaid. Om 16.00 uur meren we af in Vilshofen, onderdoor de stadsbrug, dat past maar net, belanden we in het stadspark, bij een brug die de ene kant van het stadje verbindt met de andere. In een mum van tijd staat de brug vol met mensen, die zo`n vaartuig midden in de stad waarschijnlijk nog nooit gezien hebben. We moeten weer diesel tanken. Nu is de dichtsbijzijnde benzinepomp wel ruim 1 KM lopen, dus is het sjouwen geblazen, jerrycans op de trolley en de rest in de hand. Onze kachel die het af had laten weten is ook weer gerepareerd. De kachel hebben we hard nodig bij een temperatuur van 2 tot 5� C. 's Nachts vriest het nu constant enkele graden. Een lekkere pizza gehaald in het dorp, dat hebben we wel verdiend na al dat gesjouw.18-11-92.De kachel had na de reparatie al zijn vuil gespuwd, dus zit het dek onder de roet en is het schrobben geblazen. Daar word je wel lekker warm van. Bij Passau krijgen we de grens Duitsland-Oostenrijk. De Duitse politie vraagt vrij uitgebreid om onze papieren zoals; het vaarbewijs, de zeebrief, machtiging voor de marifoon etc. De Oostenrijkers zijn bij de grens veel gemakkelijker. Daar verloopt alles snel. Op weg naar Linz in Oostenrijk. We ontmoeten op onze weg steeds vaker de Oost-Europese slepers vaak uit Bulgarije en Roemenie. Oostenrijk zullen we snel doorheen zijn want het land is niet zo groot. We willen wel wat langer in Wenen rondkijken want dat is wel de moeite waard. Bij aankomst in kunnen we onze Duits marken inwisselen voor Oostenrijkse Schillingen, die hebben nu nodig.19-11-92. Vandaag op weg naar Ybbs. We varen nog steeds in een prachtig bergandschap, maar wat hebben we het koud. Toch zijn we al ingepakt als maanmannnetjes; we dragen een shirt met lange mouwen, daar overheen een dikke trui, aan onze benen een legging, of fleacewear-broek en spijkerbroek. En over allesheen ons overlevingspak. Aan onze voeten 2 paar sokken en de "moonboots". De gang naar het toilet is voor de dames dan ook een hele onderneming. Onze kachel is dus echt onmisbaar. Toch zijn we geen van alle ziek geweest tijdens deze reis, dus de kou is toch nog niet zo slecht. Dit gebied is zeker de moeite waard om nader te bekijken. Maar wij willen Wenen bekijken dus nu nog even doorbijten.20-11-92.Vroeg uit de veren vandaag want we willen tijdig in Wenen aankomen, dat is zo'n 130 KM. dus een aardig stuk te doen. Doch het valt mee om 15.30 uur zijn we bij Karlbergerdorf, een voorplaatsje van Wenen, waar een jachthaven zou moeten zijn. De jachthaven is er, doch die is erg klein. Water en electriciteit zijn er niet, brandstof wel, maar alleen benzine. Geen geschikte plaats om te blijven We proberen wat verder op af te meren bij het gebouw van de D.G.G.S., die volgens ons boekje scheepvaartkaarten zou hebben van de Donau. Maar dat lukt niet het is er te ondiep. Verder zoeken maar. 'T is inmiddels noodweer geworden en we meren af naast een van de vele werkboten, die er liggen. Helaas worden we na 10 minuten weggestuurd. Geen kaarten en ook geen ligplaats. Bij vertrek worden we door de enorme stroom en de keiharde wind teruggedrukt tegen de werkboot en lopen schade op aan onze bakboordreling. Verder maar weer 't is haast geen doen in dit weer, hagel, sneeuw en regen en onweer.We vinden een industriehaven aan de rand van Wenen. Dan maar met de bus of taxi naar de stad. We kunnen afmeren langszij een schip, waarop alles donker is, die zal niet zo gauw vertrekken. We liggen nu lekker rustig, ver van alles af maar o.k. Morgen de schade aan het dek bekijken, bij daglicht en indien mogelijk repareren.21-11-92.Lekker uitslapen vandaag, dat mag wel weer eens. Daarna de stad in om boodschappen te doen en uiteraard Wenen te bekijken. We blijken vlakbij op de bus te kunnen stappen, dat is gemakkelijk. Daarna overstappen op de metro, die ons midden in de stad brengt. Eerst bij het Infocentrum in de Metro een kaartje gehaald van de stad. We vragen eerst waar de Schanzstrasse is, want daar willen we eerst naar toe. Er is daar namelijk een speciale scheepvaartboekhandel, die wel het een en ander zou hebben o.a. kaarten van de Donau.Via de metro en de tram de zaak vlug gevonden. Het blijkt een piepklein zaakje te zijn,doch wat een keuze, het staat er werkelijk vol met scheepvaartboeken en kaarten in allerlei talen. Van knutselboek tot pilot. Hier moet het toch gaan lukken. Ze blijken inderdaad Donau kaarten te hebben, doch dit blijken 10 lijvige boekwerken te zijn van enkele kilo's , die zo'n DFL. 1000,- kosten. Ze zijn voor de beroepsvaart bestemd. Voor de pleziervaart is er alleen het boekje wat we al hebben van Rod Heikell. We neuzen nog lekker even rond en kunnen hier wel de nog ontbrekende vlaggetjes kopen, zoals Joegoslavie, Roemenie en Bulgarije. Van Joegoslavie is er alleen de "oude" vlag verkrijgbaar, welke moeten we nu eigenlijk hebben, een van Kroatie, of Servie? We weten het niet, we zullen het wel zien. Ook nog de Yachting World van December kunnen kopen. Terug naar de stad om wat boodschappen te doen en de stad te bekijken. Doch het zit ons niet mee, alles sluit al heel vroeg vanwege de zaterdag. We maken nog wat foto's van de beroemde kathedraal. Met pijn kunnen we nog een brood bemachtigen, de verse groentes kunnen we vergeten. Dus gaan we na een telefoontje met de famillie weer terug naar de boot. Blijken bij terugkomst bij de boot, volgens de portier in een tolvrije haven te liggen, wat dus eigenlijk verboden is, of moeten hier bij de douane uitklaren. De portier is een gepensioneerde jachtschipper, die zo te ruiken wel een paar neuten te veel lust en uiterst happig is om ons bij de politie te melden. Hij beweert dat hij ons al bij de politie gemeld heeft en dat ze nog langs zullen komen.Wij knikken braaf ja en amen tegen hem en denken er het onze van. Maar helaas wat schetst onze verbazing, de volgende morgen om 05.10 worden ruw uit ons bed gelicht klop,klop de politie. Verdwaasd staan we naast ons bed, wat een tijd om langs te komen. We moeten hier uitklaren uit Oostenrijk of nu doorvaren naar Haiburg en daar uitklaren. Gezellige lieden daar. We besluiten voor dat laatste te kiezen.22-11-92.We moeten ook weer diesel tanken, dus misschien kan dat ook in Haiburg. Het sneeuwt hard , 't is echt beestenweer. We komen eerst nog langs 2 andere plaatsjes, maar daar kunnen we niet afmeren. Dus toch verder naar Haiburg. De douane steiger lig heel ongelukkig op de stroom, dus blijven we even daarvoor liggen bij een steigertje van de plaatselijke vaarschool. We schuilen er zeker een uur, want het stormt en regent, geen sneeuw meer. Als het iets opknapt moeten maar eens vragen of er hier diesel is te krijgen. Jawel ongeveer 1 KM lopen het dorp in zegt men. Nou daar gaan we dan weer met de trolley en de overige jerrycans in de hand. Nou de 1 KM blijken er wel 2 te zijn, uitgeput en kletsnat, komen we weer terug bij de boot. Daarna knapt het weer enigszins op en lopend met de scheepspapieren gaan we naar de douane-post. Die vraagt ons waar we zo lang bleven, ze hadden ons al 2 uur eerder verwacht. Die politie in Wenen had gebeld dat we diesel nodig hadden en ze waren van plan geweest een truck te sturen om dat voor ons te halen. Daar worden we even stil van, dat hadden we niet verwacht. Ze bleken ons al enkele malen over de radio geroepen te hebben, maar ze hadden ons geroepen met de naam Casa Blanca, tja daar hebben wij niet op gereageerd, wij heten Lambada en niet Casa Blanca. De diesel hebben we al, we hebben er nog lamme schouders van. De controle is zo gebeurd een stempel in onze pas en ons registratienummer wordt doorgebeld aan de Tjsechische douane. Er wordt ons nog gezegd dat we misschien wel problemen zullen kunnen verwachten bij de Joegoslavische grens, ze schijnen veel steekgeld te willen hebben om je toestemming te geven om de Donau te bevaren. Er wordt gesproken over $ 300,- Niet mis. Enfin we zien wel. Misschien kunnen wede Nederlandse Scheepvaartinspectie nog om advies bellen voor we er zijn. Als we bij de grens van Tjsechoslowakije aankomen moeten we de capitano van Bratislawa oproepen via kanaal 16. Eerst geen antwoord. Dan schreeuwt hij terug, dat we naar KM paal 1867 moeten om in te klaren. Omdat het al wat schemerig is kunnen we het eerst niet vinden. We vragen waar dat is, hij schreeuwt pontoon 17, wij zoeken we zien alleen pontoon 15, waar is 17 dan? Dat blijkt bij de oude brug. Dan roept hij dat we te ver zijn. weer roept hij 17, wij zien alleen 15. Hij roept weer "eine runde machen" oftewel omkeren. Dus weer terug richting 15. Dat pontoon 15 blijkt het dus wel te zijn, volgens ons denkt hij dat hij 15 roept, terwijl hij 17 zegt. Enfin we zijn er. Hij roept weer "langsam Lambada, langsam, ja gut so, gut gemacht", we worden dus lettterlijk binnengeloodst. We moeten wel lachen, zo zijn we nog niet eerder ergens aangekomen. Er staan 3 man sterk op de kade op ons te wachten, brede glimlach, ze willen alleen de passen stempelen en dat is alles, geen verdere controle, nou dat valt ons mee voor een Oostblok-land, dat hadden we niet verwacht. Ze wijzen ons een industriehaven in de buurt voor de overnachting, 't is er erg vol maar het lukt nog net. We liggen te ver van Bratislawa om daarheen te gaan, dus gaan we vroeg naar bed.23-11-92.De Donau in Tjsechoslowakije is maar een kort stuk, dus zullen we vandaag al bij de grens van Hongarije aan kunnen komen. 'T is vandaag mistig op het water en dat is erg vermoeiend. Op de Donau liggen in dit jaargetijde heel veel takken en soms zelfs hele bomen in de rivier te drijven. Dit komt door de vele regen die de waterstand van de rivier flink verhoogt in de herst, winter en voorjaar, waardoor de bomen in de rivier komen te staan en dus af en toe omvallen. Aan onderhoud van de rivier wordt zo goed als niets gedaan in de Oostblok-landen. Ook de bebakening klopt niet altijd. Soms weet je haast zeker dat een boei aan bakboord van het water hoort te liggen, doch ligt hij aan stuurboord, hoe dan langs te varen? Goed de diepte meter in de gaten houden dan maar. Door de zeer sterke stroom worden de boeien soms geheel onder water gesleurd of zelfs van hun plaats gedreven. In deze tijd van het jaar is dat nog niet zo erg omdat de waterstand vrij hoog is, doch 's zomers is het echt opletten, want de waterstand kan dan plaatselijk zakken tot maar 1.50 mtr. Doch alles gaat goed en we zijn al snel bij Komarno , waar we uit moeten klaren, voor Tjsechoslowakije. We zijn benieuwd hoe dat zal gaan, net zo simpel als de binnenkomst? Vrij plotseling varen we vanuit de Donau in een kanaal en vragen ons af of we nog wel goed zitten. We blijken in het kanaal te varen wat Tjsechoslowakije heeft gegraven om de Donau te kanaliseren. Dit kanaal is een enorm heet hangijzer tussen Tjsechoslowakije en Hongarije. De Tjsechen vinden dat de Hongaren ook hieraan mee moeten betalen omdat zij er ook gebruik van maken en Hongarije doet dat niet. Er is in dit kanaal zelfs een moderne splinternieuwe sluis, dat is alweer lang geleden dat we een sluis hadden. Bij aankomst bij de sluis wordt ons gezegd dat we waarschijnlijk een volle dag zullen moeten wachten om te schutten, wegens werkzaamheden. Doch wat schetst onze verbazing na 10 minuten worden we geroepen dat we mee kunnen door de sluis. Terwijl we de sluis binnenvaren blijven ze steeds maar roepen door de marifoon, wat lastig is voor ons want de marifoon is binnen en wij uiteraard buiten. Ze vragen ons dingen als: waar gaat u heen, met hoeveel mensen vaart u de boot, waar komt u vandaan? Er staan zeker 20 werklieden boven op de sluismuur naar ons te kijken en te zwaaien, zoiets zien ze schijnbaar niet vaak. De sluis is modern met drijvende bolders, doch erg slecht afgewerkt, dat beton zal heel snel gaan rotten het betonijzer steekt uit en water sijpelt door het beton. Om 13.45 uur zijn wij bij de grens om uit te klaren. Alleen de paspoorten worden gevraagd om af te stempelen. Verder niets dan vriendelijkheid. 14.15 uur, zijn we bij Komarnon dit is de Hongaarse douane post. We moeten naar een kantoor op de wal met de papieren, het duurt nog al even voor we geholpen worden, dus wachten. We zien vanuit het gebouw dat er inmiddels 6 man sterk naar de boot toe lopen. Enfin onze schipper is aan boord die zal ze wel ontvangen. Na circa een half uur komen ze terug en worden de papieren bekeken en passen gestempeld. Wij vragen ons af wat al die luitjes op de boot moesten. We horen later, dat ze gewoon nieuwsgierig waren en letterlijk alles wilden bekijken. Ze vonden alles prachtig. Ze beweren dat dit het eerste buitenlandse jacht is met zijn eigenaar aan boord, lijkt ons sterk. Wel wordt ons naar een soort carnet de passage gevraagd, maar dat hebben we niet, nou ook geen probleem. We kunnen boodschappen doen in het dorp bij de plaatselijke Spar. Hoe is het mogelijk dat die ook hier bestaat. Na het boodschappen doen is het al wat schemerig en vinden we het te laat om nog verder te varen. We vragen toestemming om aan het pontoon te blijven liggen, dat is namelijk eigendom van Mahart Shipping. Dat mag tegen betaling, zeggen ze. O.K. dat moet dan maar, morgen afrekenen.24-11-92.We zijn de halve nacht wakker gehouden door gebonk tegen de boot aan. Waarschijnlijk een stuk hout wat vast is komen te zitten. Misschien dat het los schiet als we wegvaren. We gaan de wal op om te betalen voor de overnachting, doch hoeven niets te geven. Onze SB schroef heeft het stuk hout vast geklemd bij het roer, het wil niet meer voor- of achteruit. Met veel lawaai vertrekken we, hopelijk schiet het straks los. Onze log werkt ook niet meer, zal ook wel rommel voor zitten. Na zo'n 10 Km schiet het stuk hout eindelijk los, gelukkig nu kunnen we SB motor weer starten. We varen nu door hele bossen drijfhout en zigzaggen af en toe over de rivier. Om 10.30 uur zijn we bij Esztergom, een werkelijk prachtig plaatsje , met een eigen jachthaventje. 'T is voor ons passen en meten om binnen te komen en meren af langs een werkboot. Volgens ons boekje is het hier de moeite waard om te blijven, doch helaas voor ons kan dat niet. 'T is een toeristisch plaatsje met een vrij luxe hotel. De mensen zijn er uiterst behulpzaam. Via het plaatselijke hotel kunnen het regelen om diesel te krijgen, want dat is echt nodig, deze diesel word per Trabant met 15 jerrycans aangevoerd a 40 cent de liter. We wisselen ook wat geld om in Hongaars geld te kunnen betalen. We krijgen diverse folders een vaarroute met mogelijkheden waar in Hongarije jachthavens zijn met faciliteiten. Van die faciliteiten moeten we ons niet al te veel voorstellen, doch de bedoeling is goed, wellicht komt het kaartje van pas. Om 12.35 uur gaan we weer verder richting Budapest. 16.30 uur zijn we er net voor donker midden in de stad. En wat voor een stad. Alle gebouwen aan de Donau zijn verlicht, echt een schitterend gezicht. We kunnen vast maken aan een pontoon vlakbij 1 van de mooiste gebouwen van de stad, het Parlementsgebouw, wat wil je nog meer. We douchen ons lekker aan boord, en gaan s'avonds de stad in om alvast wat van de sfeer te proeven. We belanden via een wandeling langs al deze mooie gebouwen in het oudste restaurantje van de stad. We kunnen er heerlijk eten met een violist die ons begeleidt, alles heel romantisch. We lopen terug naar de boot langs vele luxe hotels en winkels. Het is een zeer luxe, westers aandoende stad. De politie komt nog langs gevaren bij de boot en wij vragen of we daar mogen blijven liggen voor 2 dagen, geen probleem.25-11-92.De volgende morgen als we net de stad in willen gaan, wordt ons gezegd dat we op een verboden plaats liggen. We schijnen aan een restaurantpontoon te liggen wat eigendom is van Mahart Shipping Company. Ze gaan net vandaag de ponttons wegslepen in verband met de wintertijd. Misschien weten zij een andere plaats voor ons? De baas wordt er bij gehaald, die weet wel een andere ligplaats aan een van andere pontoons. A la raison van DFL. 100,- per dag; ahum. We vragen niet of hij wellicht een gaatje in zijn hoofd heeft, doch besluiten om daar te vertrekken en een andere plaats op te zoeken. Dat is ons toch te bar om pers� in het centrum van de stad te willen liggen. We belanden na wat zoekwerk in een kleine "jachthaven" net buiten de stad. Dan maar met taxi of bus naar de stad. We meren af naast een andere boot waarop ook mensen schijnen te wonen. Na een blik op het kaartje van de stad besluiten we de fiets te pakken om naar de stad te komen, waarom niet. We gaan eerst in de buurt op zoek naar wat winkels om te provianderen. Dat lukt al snel. Beladen komen we terug bij de boot. Zo nu verder rondkijken. We zijn een echte bezienswaardigheid op de vouwfiets in Budapest. Er rijden hier wel fietsen rond doch dat zijn mountainbikes, geen vouwfietsen. We fietsen en lopen, waar de wegen te steil zijn, door allerlei straatjes en klimmen met de fiets naar het hoogste punt van de stad, waar een standbeeld van een beschermvrouw staat die over de stad heenkijkt. Je hebt een prachtig uitzicht hier over de Donau, jammer dat het wat te heiig is om foto's temaken. Moeten we het met een kaart doen. Het stadsgedeelte waar wij staan heet Buda de andere kant heet Pest, de scheiding vormt de Donau, waarover vele bruggen zijn gebouwd, die 's avonds verlicht zijn. Bekaf staan we boven, nu in vliegende vaart naar beneden, de remmen goed vast geknepen komen we weer aan de Donau. Al lopend en fietsend komen we toevalligerwijs, bij een overdekte groente en fruitmarkt terecht. De verse groentes en kruiden geuren ons tegemoet. Hier moeten we toch even naar binnen. Ook prima vlees te koop. Dus we slaan weer het een en ander in. We zien zelfs verse zuurkool in het vat, dat zal zeker smaken in de kou. Beter wat teveel gekocht nu, want straks in Joegoslavie zal er weinig te koop zijn. We zien zo heel veel van de stad en het was niet te ver weg met de fiets. Wederom de rugzak beladen, en doodmoe fietsen we terug naar de boot.26-11-92.Vandaag moeten we toch verder, al zijn we nog niet uitgekeken in deze stad. Bij het opstaan hangt er een dikke mist dus moeten we wachten met vertrek. Deze trekt echter snel op en om 7.30 uur kunnen we toch weg. We varen nu naar Baja, de laatste stop in Hongarije, we willen daar ook diesel tanken. De ingang van het haventje is vrij moeilijk te vinden, doch het lukt en we vinden een plaats naast een visopslagboot. Het ruikt niet gelukkig en we doen nog even de laatste inkopen. Nu nog een tankstation vinden en even weer bellen naar het thuisfront, want dat zal ook wel problemen geven in Joegoslavie het bellen lukt snel in een plaatselijk hotel. Nu de pomp nog. De pomp gevonden, doch dat is vrij ver lopen. Onze schipper gaat op pad met de jerrycans. Het blijkt ruim 2 KM lopen, eigenlijk geen doen. De 2e lading diesel proberen we een taxi voor te charteren, doch deze taxi chauffeur met stationwagen voelt daar niks voor. Uiteindelijk roept hij een ander op, die wil wel. Wij naar de benzinepomp, de prijs valt reuze mee, dat scheelt heel wat sjouwwerk.27-11-92.We vertrekken uit Baja, op weg naar Mohacs, de grens van Hongarije. Het is niet ver en om even na 10 uur zijn we al bij de grenspost. Gewapend met paspoorten en scheepspapieren naar de politie en douane. Wij blijken het eerst bij de politie binnengestapt te zijn, die ons vertelt dat we eerst langs de douane hadden moeten gaan, maar ja wij kunnen geen Hongaarse borden lezen dus. We moeten 2 x een formulier invullen met de gegevens van de boot en de paspoortgegevens moeten in 3-voud. 1 exemplaar blijkt er voor ons te zijn. Dan in optocht naar de boot waar ze allemaal nog even inspectie willen houden. Ze vragen ons ook nog hoeveel geld we nog over hebben, dat is niet veel zo'n DFL. 40,-- Inwisselen gaat niet dus moeten we het hier maar opmaken. Levensmiddelen komen altijd van pas , dus wij de wal op. Er is daar weinig te koop en voor ons is Hongarije spotgoedkoop, dus kost het ons nog moeite om het geld op te maken. Met 2 tassen vol met etenswaren gaan we terug naar de boot. De Hongaarse douane waarschuwt ons ook nog eens dat ze bij de Joegoslavische grens geld zullen vragen om de Donau te bevaren. Enfin we zullen zien. Om 14.00 uur zijn we bij de grens van Joegoslavie - Bezdan heet hier de grensplaats. Het is nu hier eigenlijk Kroatie. We hebben onze Joegoslavische vlag gehesen, want we hebben geen Kroatische, vlag gezien zal er dus nog wel niet zijn. We meren af aan een pontoon en gaan weer met de papieren en paspoorten de wal op. Onze passen worden meegenomen, de scheepspapieren niet, met de mededeling dat ze over 2 uur de papieren in orde zullen maken. Dus wachten maar. We moeten van het pontoon ook weer verkassen want er moet een grotere boot liggen en er is maar 1 pontoon. We verkassen zo die middag 3 keer, en het wordt avond maar de papieren zijn nog niet gebracht. 'T s inmiddels 19.00 uur en de douane komt terug met onze pas en de papieren. Een snelle inspectie volgt, nog wat vragen en we zijn klaar. We liggen inmiddels naast een Bulgaars schip. De opvarenden bekijken ons en onze boot met grote aandacht. We kunnen niet veel woorden met elkaar wisselen omdat zij buiten het Bulgaars geen enkele taal spreken. Ze maken ons wel duidelijk dat ze naar Constanta varen. Wij zeggen dat we daar ook heen moeten. We mogen wel achter hen aanvaren zeggen ze. Maar dat zal voor ons niet gaan, want wij mogen hier in Joegoslavie als jacht niet 's nachts varen en zij wel. We krijgen verder nog te horen van de douane niet we niet binnen 2 KM van een brug mogen stoppen en de eerste 100 KM mogen we ook niet stoppen. Het gebied schijnt wel veilig te zijn, maar toch maar voorzichtig zijn. Dit gebied wordt gecontroleerd door de UN. Voor die avond krijgen we het advies om ongeveer 1 Km terug te varen tot het groene knipperlicht om in een zijarm van de Donau voor anker te gaan. Anders moeten we misschien de hele nacht blijven verkassen aan de douane steiger en liggen precies in de stroom waarbij we alle boomstammen langs krijgen.We volgen dat advies op en gaan op zoek naar de ankerplaats, dat valt niet mee in het pikkedonker. Het ankeren kost wat moeite, maar het is een heerlijk rustige plek . 28-11-92.Bij daglicht zien we eigenlijk wat een prachtige plek we hebben gelegen, midden in de natuur. We gaan op weg naar Novi-Sad. Zo halverwege de dag zien we al dat we Novi-Sad niet zullen halen vandaag, dus zal dat een andere plaats gaan worden. We kunnen in elk geval die 100 KM goed halen. We sturen vandaag zoveel mogelijk binnen want dat lijkt ons veiliger als er nog geschoten zou worden. 'T is bovendien heel stil op de rivier. We passeren onderweg de kompleet kapotgeschoten stad Vukovar, die door de Serviers in puin geschoten is. We zijn er allemaal beduusd van, wat stil staan we vanuit onze boot naar de stad te kijken. De oorlog is dan wel angstwekkend dichtbij, in de bossen horen we nog dat er geschoten wordt. Na ruim 100 KM stoppen we om een ankerplaats op te zoeken. We varen weer een zijarm van de rivier in om te ankeren en hebben een rustige avond daar.29-11-92.We vertrekken vroeg vandaag want we willen op tijd in Belgrado aankomen. Onderweg is het erg rustig we passeren enkele Tsechen en Roemenen. Wel horen we in de bossen ver van ons vandaan nog schieten. Om 14.00 uur zijn we bij Belgrado. We kunnen afmeren in de commerciele haven, er is ook een sporthaven, maar die is te klein voor ons. Ook in de haven is het stil en we vinden een goede plek achterin, naast een ander schip. De eigenaar van de boot staat ons al op te wachten. Later zal blijken waarom hij ons enthousiast opwacht. Hij maakt ons duidelijk dat we ons moeten melden bij de politie in de haven. Wij daarheen met papieren en passen. De aanwezige beambte slaakt diepe zuchten , als hij het juiste papier tracht te vinden om onze gegevens te noteren. Dat blijkt er niet te zijn en tikt hij uiterst langzaam onze gegevens op een blanko vel papier. Hij neemt onze passen en een grenspapier van de douane uit Bezdan in beslag en zegt ons dat weer op te halen voor vertrek. De vrouwen gaan de stad in en onze schipper blijft achter om op te passen. Beograd blijkt niet veel bijzonders te zijn bovendien is het zondag en is bijna alles gesloten. Er wordt constant op straat aan je gevraagd of je geld wilt wisselen. Het zwarte markt circuit. We wisselen alleen het hoogst noodzakelijke om brood te kopen, verder niet. Het Joegoslavische geld devalueert ongeveer met de dag, dus niet te veel van hebben.30-11-92.De volgende morgen om 07.00 uur geprobeerd om onze papieren terug te krijgen doch er is nog niemand te zien, alles op slot. Een uur later nog eens geprobeerd en nu lukt het wel. De papieren retour gekregen. Dan kunnen we weg. Onze diesel kachel geeft problemen, hij krijgt te veel vuile diesel te verwerken. Dus spuwt hij zijn roet binnen en buiten. Wat een bende, Oostblok diesel is parafine rijk. Eerst schoonmaken, enfin wordt alles weer eens goed gedaan zullen maar denken. Als we weg kunnen blijkt waarom onze buurman ons zo vriendelijk uitnodigde om langszij te komen. Of we 20 DM of $ 16 of DFL 25,- willen betalen. ls liggeld enfin vooruit maar geen probleem van zoiets maken. We gaan op weg naar Veliko Gradiste. 'T is wat mistig vandaag wel vervelend. In Veliko Gradiste moeten de papieren weer getekend en gecontroleerd worden. We zijn er om 15.30 uur dus ruim op tijd. We moeten 5 minuten wachten, die ruim een half uur blijken te worden. De havenmeester zegt ons dat 1 papier van de grens bij hem blijft tot vertrek, 1 papier moet ondertekend worden bij vertrek,dat krijgen wij dan weer mee. De klok wordt nu een uur vooruit gezet.1-12-92.Om 07.00 uur op weg naar de douane en politie om de handtekeningen die we nodig hebben voor vertrek. Doch de douane is nog niet wakker, daarom tekent de politie maar voor allebei. Met deze ondertekende papieren weer terug naar de havenmeester om ons grenspapier op te halen, wat we weer mee moeten nemen. Er volgt nog een korte inspectie aan boord onze passen worden nog eens bekeken en er wordt naar de motoren gevraagd. Alles in orde, ja dan kunnen we weg. 'T is die morgen steenkoud en het is spekglad aan dek, het zal dus wel flink gevroren hebben. Het blijkt nog steeds - 3� C. te zijn. Wij bevaren een prachtig stuk van de rivier met aan bakboord kant voor ons Roemenie en aan stuurboord kant Joegoslavie. De rivier slingert hier dwars door de bergen. Het blijft die dag ijzig koud, 't is wel schitterend weer. We hebben een ijzig koude wind recht op de kop, wat flinke golfslag veroorzaakt. De hele dag schijnt de zon. Wat zal het hier in de zomer prachtig zijn. Tegen 17.00 uur komen we bij de Iron Gate sluis aan, dit is een dubbele sluis, wat inhoudt dat je van de ene in de andere sluis vaart. Bij elkaar is het zo'n 30 meter verval dus een behoorlijk hoogte verschil. We zakken dus nu flink uiteindelijk. De sluizen hebben een Roemeense kant en een Joegoslavische, eerst zitten we verkeerd, want wij varen momenteel aan de Joegoslavische kant ,dus moeten we door de Joegoslavische sluis, we hadden nog niet uitgeklaart. In ons reisboek staat dat ze hier wederom om onze scheepspapieren zullen vragen, dus staan we gereed met de papieren in de hand voordat het water gaat zakken. De sluismeester komt er aan en geven de papieren, doch hij wuift ze weg, paspoorten dan missschien, nee ook niet. "Nichts Papiere" zegt hij in het Duits, wat wil hij dan? Hij wil onze scheepsstempel afgedrukt hebben, we overhandigen een kladpapiertje met de scheepsstempel. Hij er in de wolken ervandoor. We zijn door dit sluizenwerk erg laat en komen daardoor pas om 19.00 uur aan bij Kladovo, ons doel voor vandaag. Ondanks het donker vinden we langzaam varend toch nog tamelijk snel het pontoon waar we af moeten meren. We blijken recht voor de douane en politiepost te liggen. We melden ons weer, maar de juiste beambte is er nog niet, over een uur terugkomen. Ondertussen zoeken we naar een restaurant in de stad en vragen naar diesel. Dat zal een probleem worden. Zwarte markt misschien. 100 mtr. bij onze boot vandaan blijkt een hotel te zijn, we besluiten daar te gaan eten want om zo laat nog te gaan koken zien we niet meer zitten. Omdat we geen Joegoslavisch geld hebben zullen we in DM moeten betalen, maar dat zal wel geen probleem zijn hier. Ze willen immers niets liever als buitenlandse valuta. Het douane werk blijkt hier te bestaan uit het bekijken van de paspoorten en het grenspapier van Bezdan. Ze willen de passen en het grenspapier houden tot aan vertrek. Er volgt nog een kleine controle aan boord, meer nieuwsgierigheid volgens ons en dat was het. De hogere douanebeambte spreekt Frans, verwacht je niet hier. Een scheepsstempel uitdelen blijkt wederom een groot succes te zijn. Kunnen we eindelijk gaan eten. In het hotel speelt een band, Joegoslavische popmuziek. Veel plaatselijke jeugd komt er luisteren. 'T is nog steeds erg koud buiten, het blijft vriezen.22-12-92Vroeg opstaan ,papieren en passen ophalen en dan weg. Er komt nog 1 man op de boot rondneuzen, nieuwsgierig zijn zogezegd. Hij wil nog een crewlijst hebben, formulieren hebben ze er niet voor, dus maken we er maar een zelf. Zo nu kunnen we echt weg. Op weg naar Gradovo, waar we uit moeten klaren voor Joegoslavie. 'T is zo koud buiten dat we binnen moeten sturen, je oren vriezen eraf. Om 13.30 uur arriveren we daar. Eerst afmeren langs een pontoon. We liggen hier tegenover de Duty Free Shop. Een vrouw komt naar buiten uit een soort uitkijkpost van de douane, althans dat begrijpen we dat het is. Ze maakt ons duidelijk dat er straks iemand komt. Na pakweg een uur wachten komt er inderdaad een douanebeanbte aan boord, die flink naar de drank ruikt. Moest zeker eerst nog een paar neuten drinken voor hij tijd had om te komen. Hij vraagt gelijk naar drank en sigaretten. We geven hem een pakje sigaretten en een koffie. Dan vraagt hij om cognac. We zeggen dat we dat niet hebben. Op de grond ziet hij rum staan, dan dat maar, het is inmaakrum en we zeggen dat het niet geschikt is om zo te drinken, veel te sterk. Doch hij wil het wel proberen, nou moet hij weten. Hij drinkt het puur op, vindt het wel wat sterk, maar laat zich niet kennen. Na ruim een uur gaat hij eindelijk aanstalten maken om op stappen. We willen voor anker gaan in een haventje bij het dorp, zo'n 200 mtr van het pontoon vandaan doch de kades lopen schuin het water in. Het blijkt dat onze douane man mee wil varen naar de ankerplaats, vooruit maar. Hij wijst ons een plek vlakbij een kade muur, niet echt geschikt om te blijven liggen. We laden onze man uit en kijken of we beter kunnen liggen. Hij belooft iets te regelen in het dorp om wat boodschappen te krijgen. Wij mee naar de enige winkel in het dorp, die hebben dus echt niks. 'T is natuurlijk een land in oorlog. Verder hebben we niet veel gemerkt van de oorlog, de mensen zelf willen er niet over praten. Het enige wat ze erover kwijt willen is, dat ze geboycot worden en dus haast geen spullen kunnen krijgen. Maar ze willen ons pertinent helpen om brood te kopen en even later zitten we in het plaatselijke cafe wat te drinken en wordt er geregeld dat we mee naar de stad kunnen. De heren zitten weer aan de plaatselijke cognac wij aan de koffie. Met 1 van hen gaan we mee om boodschappen te doen in de stad. Over een weg vol met kuilen hobbelen we de stad binnen. Niks is hem te veel, we gaan winkel in winkel uit, tot we hebben wat we willen. Hij betaalt eerst met cheque of Joeg.geld. Hij wil natuurlijk met ons verrekenen in Westerse valuta. Bij het afrekenen vragen hoeveel het is, hij haalt z'n schouders op. Ja dan weten wij het ook niet. We geven hem 50 DM en 3500 Dinar, zal wel ruim zijn voor hier, maar enfin het was een belevenis.3-12-92.Luc eerst met de bijboot de kant op om de papieren terug te halen en dan kunnen we weer vertrekken. Nu op naar de Bulgaarse grens. We blijken in te moeten klaren in Vidin, maar vlakbij Vrv kan een patrouilleboot langszij komen. We zien echter nog niks en gaan weer binnen sturen vanwege de kou. We zijn net binnen of een luide sirene maant ons tot stoppen; de patrouilleboot. Controle van onze visa in de paspoorten en met een vriendelijk "good luck" en een toeter op de scheepshoorn gaan we weer door. We varen nu verder door naar Vidin om in te klaren. Om 12.00 uur zijn we daar, maar bij de plaats Vidin blijkt niets te zijn. We vragen het en we moeten terug 5 KM stroomopwaarts zit de douanepost bij de aanleg plaats voor de veerboten. De "capitano" van de Lambada moet zelf meekomen dus wij dames blijven aan boord. Het duurt zeker 1,5 uur voor hij terug is de douanepost blijkt zeker 1 KM lopen daar vandaan te zijn. Er worden op die plaats ook vrachtwagens in en uitgeklaard, voordat ze met de veerboot naar de overkant Roemenie kunnen varen. De paspoorten zijn gestempeld en we krijgen van hen scheepspapieren om in te vullen. We moeten ook belasting betalen, dat is nieuw voor ons, enfin 't is niet veel; 100 Leva of tewel ongeveer 5 $. We hebben geen Leva's dus wordt het 5 $. Op nu naar Vidin zelf. We kunnen weer afmeren aan een pontoon. Alles geregeld en nu door naar Lom, ons reisdoel van die dag. Om 17.00 uur zijn we daar. We gaan de wal op om te vragen voor water en diesel. Water is er vlakbij alleen zij hebben geen slang en onze slangen passen niet op de aansluiting, die gemaakt is voor grote schepen. Als we zo'n aansluiting hadden zou het wel lukken. Maar helaas, geen water voor ons dus. Diesel daar zullen ze morgenochtend voorzorgen, dat zal wel lukken. We proberen in het douanekantoor naar de familie te bellen, maar dat lukt niet. We hebben te maken een uiterst behulpzame scheepsagente, die redelijk Engels spreekt. Het stadje zelf is vies en stinkt hevig naar bruinkool. Op de kade is een lawaaiig scheepscafe annex disco waar de plaatselijke jeugd bijeen komt. We liggen er gelukkig ver genoeg vandaan om niet gestoord te worden in onze slaap. Wel sluiten we alle ramen zorgvuldig vanwege de stank.4-12-92.We kunnen uitslapen want de diesel zal er niet eerder dan 09.00 uur kunnen zijn. Om 10.30 uur komt er iemand langs om te zeggen dat we naar de commerciele haven moeten varen ongeveer 500 Mtr stroom afwaards, daar krijgen we de diesel. En inderdaad als we daar zijn staat er een kleine tankwagen op de kade met diesel, schitterend geregeld. We krijgen 350 LTR. diesel voor 80 $, voor onze maatstaven geen geld. Een uur later zijn we klaar, nog even langs de Duty Free Shop, doch daar is niks wat wij zoeken. Om 12.00 uur kunnen we verder. We zijn wederom zeer correct geholpen, geen problemen tot nu toe. We komen dan eind van de middag bij een gehucht met de naam Giurgu Vadin, waar een pontoon is, dus vastmaken maar. Even na onze aankomst bij het dorp stopt de plaatselijke buschauffeur, om bij onze boot een kijkje te nemen. Hij vraagt of hij ons ergens mee kan helpen. We hebben eigenlijk brood nodig. We moeten meekomen met de bus. Met een ware doodsverachting scheurt hij door de straatjes in het dorp ondertussen vertellend aan de dorpsbewoners dat we uit Hollandija komen met een jacht. We worden aandachtig bekeken door de buspassagiers. Bij een soort bushokje worden we uitgeladen, er ligt vers brood in manden opgeslagen. Er staan reeds enkele mensen in de rij en wij sluiten aan. De chauffeur zegt ons "warten" en hij rijdt weg. Even later komt er een vrouw aan, wij vragen via de chauffeur die terug is om 1 a 2 broden omdat we niet weten of er genoeg is voor iedereen. De chauffeur zegt er is genoeg, dus wij vragen er 3. Die zegt neem er 4, dus wij nemen er 4. We willen 5 DM geven, omdat we nog geen Bulgars geld hebben, maar dat vinden ze veel te veel. Wat dan vragen we ons af. Tot onze verbazing geven ze het brood zo aan ons mee, we hoeven niks te betalen. We zijn er wat verlegen mee. Weer terug met de bus en worden weer bij de boot afgezet. We nodigen de chauffeur uit om wat te drinken, doch hij heeft geen tijd, zegt hij. Of we wat mee kunnen geven? Handenschuddend en gewapend met enkele biertjes verdwijnt hij.5-12-92.Het is mistig vandaag, doch toch nog een redelijk zicht. In Nederland is het sinterklaas wij merken daar niet veel van. Omdat we geen radar hebben varen we heel voorzichtig vlak langs de kant van de rivier. Wat later is het potdicht van de mist en besluiten we om ons op de stroom te laten drijven, in de hoop dat het gauw opklaart en goed luisteren voor scheepsgeluiden. Later op de dag klaart het gelukkig op, want die mist is maar niks. We bereiken zodoende niet de plaats die we willen, dus zullen we weer een ankerplaats op moeten zoeken doch in de mist deden we toch nog 15Km/uur al drijvend op de stroom. We vinden weer een zijarm van de Donau om voor anker te gaan. Zo gaat sinterklaasdag aan ons voorbij.6-12-92.Het zicht is weer goed vandaag. We kunnen op weg naar Rousse de Bulgaarse grens waar we uit moeten klaren. Als we in Rousse zijn moeten we ook weer water laden. Helaas past onze slangaansluiting weer niet, dus gaan we heen en weer met onze jerrycans. Het is gelukkig op de kade, dus valt het sjouwwerk mee. De uitklaring verloopt vlot en na de lunch kunnen we op weg naar de Roemeense grens. Om 13.15 uur zijn we bij de grens in Giurgu. We kunnen afmeren naast een werkboot bij de douane. Weer met de papieren de wal op. De douane en politie huist hier in een vergane glorie scheepsgebouw. Dat moet eens wel een mooi gebouw geweest zijn, aan de marmeren wanden en het massieve parket is het nog goed te zien. Zal nog wel uit het Caucescoe tijdperk zijn. Nu geen geld meer om het te onderhouden. Aan de borden aan de gevel zien we duidelijk dat het Roemeens veel op het Frans lijkt, sommige woorden zijn te begrijpen voor ons. De onderhandelingen verlopen vlot en in het Frans. Dus zijn we vlot klaar. De heren lopen mee met ons naar de boot om nog een kijkje te nemen. Het is meer belangstelling als plicht. Tijdens de inklaring is onze schipper aanboord gebleven. De duwboot waar aan afgemeerd liggen heeft hem tijdens onze aanwezigheid diesel aangeboden 100 LTR voor 20 $, voor ons een spotprijsje. Deze diesel is natuurlijk van de duwboot zelf, dus moet de politie of douane dit niet zien. Helaas zijn we te vroeg terug en moet het overpompen bliksemsnel gestopt worden. Als de douane vertrokken is blijken we toch nog 45 LTR. gekregen te hebben altijd goed. We gaan weer op pad, het laatste land van onze Donau trip. We zullen vandaag wederom geen plaatsje kunnen bereiken,dus wordt het weer ankeren. In een rustige zijarm van de rivier lukt dat altijd wel. We zijn dus Roemenie ingevaren met voldoende brandstof, ondanks de sombere voorspellingen dat er nergens diesel zou zijn. 7-12-92.We zullen vandaag voor de laatste dag op de Donau varen, want we gaan bij Cernavoda het Black Sea Kanaal op, richting Constanta. Voor vandaag eindigt de trip dan ook bij Cernavoda. We meren af bij het drijvende kantoorpontoon van de havenmeester, om te vragen hoe of wat betreffende het Black Sea Canal. Er wordt ook weer in het Frans onderhandeld . De volgende morgen moeten we een loods nemen en dat kost ons 1000 $. of in konvooi 300 $. We kiezen uiteraard voor het laatste. Veel geld maar ja wat moet dat moet. We gaan met ons tweeen even de stad om te kijken voor wat vers fruit en brood. Omdat we nog geen Roemeens geld hebben, kunnen we op de markt nog niet terecht. Eerst maar ergens proberen te wisselen. We stappen de bakker binnen en vragen waar we dollars kunnen wisselen, gelijk worden we meegenomen achter de toonbank. Zij willen zelf dolgraag wisselen. De dollartekens staan al in hun ogen te lezen. We wisselen enkele dollars, voldoende om brood en fruit te kopen. Weer terug naar de markt. We kopen een
AdSense
Position Lambada
See where the Lambada is sailing now. [click picture]
ABYC Member
Capt. L.J. Criens is available for surveys at the following rates:
Up to 40' € 12.00/ft
Up to 50' € 15.00/ft
Up to 60' € 17.50/ft
Up to 70' € 17.50/ft + € 50 per hour
* all rates excluding Transport and Hotel expenses
I just installed a nice little tool on this site called Snap Shots that enhances links with visual previews of the destination site, interactive excerpts of Wikipedia articles, MySpace profiles, IMDb profiles and Amazon products, display inline videos, RSS, MP3s, photos, stock charts and more. Sometimes Snap Shots bring you the information you need, without your having to leave the site, while other times it lets you "look ahead," before deciding if you want to follow a link or not. Should you decide this is not for you, just click the Options icon in the upper right corner of the Snap Shot and opt-out.